GenBronnen

digitalisering

maas

Latijn on-line - letter N


n. - natus/nata

naalis - naturalis

nat. – natus/nata

n.b. - notabene

n.d. - nobilis dominus/domina

n.n. - nomen nescio

noe - nomine

noie - nomine

not. - notarius

nots. - notarius

nots. pub. - notarius publicus

 

- - - - - - -

 

naevus - moedervlek

nam - want

nativitas - geboorte

nativitas domini - geboorte des Heren [= 25 december]

nativitas Mariae - geboorte van Maria [= 8 september]

nativitatis - van de geboorte

nativus - geboren, aangeboren

natum - geboren

natum media nocte - geboren te middernacht

natura - zie in natura

natus - geboren

natus anno - geboren in het jaar

nauta - schipper

navector - veerman

navigator - schipper

navis - boot

navium gubernator - stuurman

nec - en niet

nec non - en eveneens, en ook

necessariis moribundorum sacramentis - met de benodigde sacramenten der stervenden

necessitatis baptismum - nooddoop

nemo - niemand

neonatus - pasgeborene

neosponsi - jonggehuwden

nepos - kleinzoon, neef

nepta - kleindochter, nicht

neptis - nichtje, kleindochter, dochter van broeder of zuster

nesciens scribere - niet schrijven kunnende

nescius - onkundig, niet wetende, niet kunnende

nobilis - adel, edel

nobilis domina - weledele dame

nobilis dominus - weledele heer

noctis - van de nacht

nocturnus - nachtelijk

nomen - naam

nomen nescio - naam onbekend

nomina - namen

nomina defunctorum - naamlijst van overledenen

nominavit - heeft genoemd

nomine - in naam van, met als naam

nomine dei - in de naam van God

non procula - niet ver van

nonagenarius - negentigjarige, negentiger

nonagesimus - negentigste

nonagies - negentigmaal

nonaginta - negentig

nonam [horam] - negende [uur]

nondum - nog niet

nongentesimus - negenhonderdste

nongenti - negenhonderd

nongenties - negenhonderdmaal

nono - op de negende

nonus - negende

noster - onze

notabene - let wel

notabilis - de aanzienlijkste, voornaamste burgers van een gemeente

notaris nothus - onwettig, bastaard, onecht

notarius - notaris

notarius publicus - openbaar notaris

notarius regius - koninklijk notaris

nothus - bastaard, onecht

novalis - nieuw

novem - negen

november - november

novembris - in november

novemdecima - negentien

novennis - negen jaar oud

noverca - stiefmoeder

novercalis - stiefmoederlijk

novercari - stiefmoederlijk bejegenen

novercus - stiefvader

novies - negenmaal

nubere - trouwen

nubilis - huwbaar

nuda proprietas - bloot eigendom

nudius tertius - eergisteren

nullo allato impedimento - wanneer er geen huwelijksbeletsel ontdekt is

nulloq(ue) detecto impedimento - [en] wanneer er geen huwelijksbeletsel ontdekt is

nummophylacis - van de muntmeester

nummophylax - muntmeester

nummularius - muntsnijder, wisselaar

nunc - nu

nuncupatio - mondelinge aanwijzing van een erfgenaam

nuntius - [gerechts]bode

nuper - onlangs

nupta - bruid, getrouwde vrouw

nuptae - bruiden

nuptiae - huwelijksfeest, bruiloft

nuptialis - bruilofts-, van / betreffende de bruiloft

nuptiare - huwen, met iemand trouwen

nuptiarum - van de bruiloft

nuptura - bruid

nupturus - bruidegom

nuptus - gehuwd

nurus - schoondochter

nutricis - van de voedster

nutritor - verpleger, pleegvader, verzorger, opvoeder

nutrix - voedster, baker, pleegmoeder